Door Marinus F.J. Hovius
Na een klein jaar als raadslid gefunctioneerd te hebben bekruipt mij soms het gevoel in een aquarium te wonen. Niet het aquarium waar op de Terpweg de conciërges van R.S.G. Wiringherlant precies wisten wie te laat en wie ziek was. Een natuurlijke sociale controle voor de adolescenten verzameld in het voortgezet onderwijs. Nee dit is een aquarium zoals bij een Chinees restaurant waar mensen naar je staren.

Zowel sociaal als online merk ik dat je leven als raadslid toch onder een soort vergrootglas ligt. Uiteraard hadden wij als gezin dit zien aankomen, maar eenmaal daar is het soms toch wennen. Jan en ook alleman heeft ineens een mening over jou en de standpunten waar je voor staat. Heel vaak ook mensen die je niet of nauwelijks kent. Soms zelfs zo erg dat sommige mensen in ene niet meer hun hand opsteken… Leerzaam, niet altijd even eerzaam.

Toch vraag ik me wel eens af of iedereen raadsleden wel als mensen ziet. Voor de één ben je een middel om een persoonlijk doel te bereiken. Voor de ander lijk je een voetveeg of een vloermat waar alle rotzooi op afgeveegd kan worden. Raar, dat doe ik toch ook niet bij een ander zou ik zeggen. Wij leren onze zoon ook gewoon ‘Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet!’

Derhalve blijf ik toch reageren op tendentieuze stukken om toch ook de menselijke kant te benaderen. Ook hoor en wederhoor horen hierbij. Of het nu gaat om windmolens of hondenpoep.

Oude waarden en omgangsvormen lijken in de media soms steeds verder weg te zakken. Toch, aan de andere kant zijn de media zeer belangrijk voor je vak. Veel wat leeft in de samenleving is te halen en te delen via lokale nieuwssites, Twitter, Facebook of de geschreven pers. Om een goed beeld te kunnen vormen over onderwerpen zijn dus niet alleen de openbare vergaderingen belangrijk, al kun je daar gelukkig wel de mensen in de ogen kijken.

Blij met mijn keuze voor dit vak ben ik nog steeds. Er is wel nog veel te leren en te behalen.